Algemeen

Het vervoer naar de vakantiebestemming is door de emissies van broeikasgassen en luchtverontreinigende stoffen een belangrijk deel van de milieubelasting van de vakantie. Deze belasting van het milieu is op diverse manieren te beperken.

  • Ga minder vaak op reis. En gaat u ver weg op reis, blijf dan langer weg. Zo geniet u optimaal van uw vakantie èn u spaart het milieu!  
  • Hoe verder men reist, hoe hoger de milieubelasting. Daarom is het belangrijk om te kiezen voor een bestemming die zo dichtbij mogelijk ligt. Kies daarom voor een strandvakantie liever voor de Costa del Sol dan voor Isla Margarita.
  • Voor reizen binnen Europa is het mogelijk te kiezen voor vervoermiddelen die het milieu minder belasten. Het minst belastend is de touringcar, een goede tweede keuze is de internationale (hogesnelheids)trein, op nummer drie staat de auto met meerdere inzittenden. Het vliegtuig belast het milieu het meest, net als de auto met slechts één inzittende.  
  • Als u op reis gaat, schaf dan klimaatcompensatie aan. De CO2 en andere broeikasgassen die door een reis ontstaan kunnen door investeringen in duurzame energie of bosaanplant geheel of gedeeltelijk teniet worden gedaan.

Auto

Voor vakantiereizen binnen Europa wordt de auto het meest gebruikt, 58 procent van de toeristen gaat met de auto op pad. Hoe dichterbij de bestemming ligt, hoe sneller men de auto pakt.

  • De gereden afstand naar de reisbestemming bepaalt samen met de eigenschappen van de auto, zoals type en leeftijd, en de rijstijl van de bestuurder hoeveel CO2, andere broeikasgassen en hoeveel luchtverontreinigende stoffen worden uitgestoten.
  • De luchtweerstand is een belangrijke factor voor het brandstofverbruik. Het gebruik van een dakkoffer of fietsendrager en het trekken van een caravan verhogen de emissies. Bepakte imperiaals en dakkoffers doen het brandstofverbruik toenemen met twintig procent. Rijdt u naar uw vakantiebestemming met een bepakte imperiaal, let er dan op dat u de imperiaal op de plaats van bestemming weer leeghaalt. Neemt u fietsen mee, dan kunt u ze beter op de trekhaak vervoeren, dat verhoogt het brandstofverbruik met één tot tien procent, terwijl de fietsen op het dak voor twintig procent meer brandstofverbuik zorgen.
  • Het trekken van een caravan verhoogt het brandstofverbruik met zeker zestig procent door verhoogde luchtweerstand. Soms is het ook mogelijk om een caravan op de plaats van bestemming te huren, dat scheelt veel brandstof.
  • Het gebruik van de airco verhoogt het brandstofverbruik en daarmee de CO2-uitstoot, met drie tot tien procent afhankelijk van het type airco en de rijsnelheid. Het rijden met open raampje of dak verhoogt de luchtweerstand en dus ook het brandstofgebruik.
  • Extra gewicht in de auto, zoals passagiers en bagage, verhoogt de emissies nauwelijks. Als er meerdere personen in een auto reizen zijn de emissies per persoon lager. De auto is, zelfs met vier inzittenden, per hoofd nog steeds milieubelastender dan een trein. Zit de bestuurder alleen in de auto dan is de milieubelasting vergelijkbaar met een vliegreis.
  • Kijk ook eens in de module Klimaatwijs op reis en Zuinige rijstijl op de site van Milieu Centraal.

Vliegtuig

Een op de drie vakantiegangers (33 procent) gaat met het vliegtuig op vakantie. Vliegtuigen zijn zeer vervuilend en stoten per passagier de meeste vervuilende stoffen en broeikasgassen uit. De emissies van vliegtuigen en hun bijdrage aan het broeikaseffect zijn moeilijker te bepalen dan voor de andere vervoermiddelen, omdat er specifieke vliegtuigemissies zijn, die op grote hoogte een éxtra bijdrage aan het broeikaseffect leveren.

  • Moderne vliegtuigen zijn tientallen procenten zuiniger dan oudere vliegtuigen en geven minder emissies. Door technische aanpassingen en goed onderhoud kan tot ongeveer vijf procent aan brandstof bespaard worden.
  • De chartervluchten en lijnvluchten van lage-kostenvliegmaatschappijen hebben over het algemeen minder emissies per reiziger. Dit komt doordat ze meer stoelen in hetzelfde type vliegtoestel plaatsen dan gangbare vliegmaatschappijen.
  • Korte vliegreizen (tot enkele honderden kilometers) hebben per kilometer een hogere emissie dan lange vluchten. Dit komt door de emissies bij het stijgen en doordat bij korte vluchten niet volgens de kortste route wordt gevlogen. De omweg kan oplopen tot veertig procent meer kilometers.
  • Kies bij voorkeur vliegmaatschappijen met actieve milieuzorg. Informeer bij reisaanbieders of de vliegmaatschappij naar hun inspanningen op milieugebied. De milieumaatregelen en het -beleid kunnen beschreven staan in een milieu- of duurzaamheidsjaarverslag. Een ISO 14001-certificaat geeft garanties dat zelfopgelegde procedures en standaarden worden nagevolgd en vergroot de kans dat tenminste aan wettelijke eisen wordt voldaan.
  • Kies voor rechtstreekse vluchten, dus minder stijgen en landen.

Touringcar

De bus is de meeste milieuvriendelijke vorm van vervoer. Jaarlijks gaat zo´n vijf procent van de Nederlanders met de bus op vakantie. Dit busverkeer is onder te verdelen in lijn- en pendeldiensten. Lijndiensten rijden volgens een vaste dienstregeling en bieden het hele jaar een alternatief voor andere vervoermiddelen. De bezetting varieert sterk, maar ligt gemiddeld op zeventig procent. Pendelbussen worden ingezet afhankelijk van de reizigersbehoefte, ze rijden naar populaire bestemmingen en hebben een bezettingsgraad van ongeveer negentig procent. Per reiziger stoten ze dus minder emissies uit.

Bussen worden ook vaak ingezet voor transfers. Transfers zijn verplaatsingen van plaats van aankomst, een vliegveld, naar de plaats van bestemming, een hotel.
Ook worden bussen ingezet bij excursiereizen. Bij excursiereizen gaat het om rondreizen, sommige duren een dag, andere langer. Ze worden alleen gereden als ze voldoende vol zijn geboekt; waarbij de touroperator bekijkt wat ‘voldoende’ is. De emissies per persoon hangen af van de bezettingsgraad van de bussen.

  • Het brandstofverbruik en de emissies van de touringcar zijn afhankelijk van de rijsnelheid en het bustype. De meeste touringcars voor personenvervoer naar het buitenland zijn slechts enkele jaren oud en voldoen daardoor aan vrij recente emissienormen.
  • Informeer bij de aanbieder van de reis of kijk op de website van het touringcarbedrijf voor informatie over het milieubeleid en specifieke maatregelen op milieugebied die door het bedrijf genomen worden.
  • Touringcars met Keurmerk Touringcarbedrijf zijn vaak van goede kwaliteit, worden extra gecontroleerd op naleving van de maximumsnelheid en hebben daarom meestal lager brandstofverbruik en minder luchtverontreiniging.

Trein

Vanaf de vier grootste stations in Nederland zijn de grote buitenlandse steden tot 1000 km enkele reisafstand direct met de trein bereikbaar. Vanuit deze steden kan men de kleinere plaatsen bereiken met nationale railverbindingen. Het internationale treinverkeer maakt gebruik van gewone internationale treinen, nachttreinen met slaaprijtuigen en hogesnelheidstreinen. Het hangt van de bestemming, het tijdstip en de tijd van het jaar af welk type trein wordt ingezet.

  • De trein biedt een snelle verbinding van stadscentrum naar stadscentrum. Bovendien zijn de inchecktijden veel korter dan bij het vliegtuig. Op korte afstanden kan deze tijdsbesparing compenseren voor de lagere snelheid die de trein heeft in vergelijking met het vliegtuig. Het aanbod van hogesnelheidstreinen vanuit Nederland neemt toe in aantal bestemmingen en frequentie, terwijl het aanbod van gewone internationale treinen afneemt.
  • Autoslaaptreinen zijn ‘vakantietreinen’ met passagierswagons en speciale wagons waarop de auto’s, fietsen en motoren van vakantiegangers geladen zijn. Ze rijden naar een tiental bestemmingen in Zuid-Europa. Deze treinen hebben een hoge bezettinggraad. Ze zijn vaak helemaal volgeboekt en hebben daardoor per reizigerskilometer een laag energiegebruik.
  • Treinen rijden op elektriciteit en stoten zelf geen emissies uit. Bij de productie van stroom kunnen emissies vrijkomen. De emissies zijn afhankelijk van het stroomgebruik en de elektriciteitsmix. Deze mix is divers aangezien Europese landen verschillende bronnen gebruiken voor de elektriciteitsopwekking. De CO2-emissie van Europese stroom is gemiddeld lager dan die van Nederlandse stroom. Dat komt omdat veel Europese landen meer kernenergie en waterkracht opwekken dan Nederland.
  • Door de hogere snelheid gebruiken hogesnelheidstreinen twee keer zoveel elektriciteit per zitplaatskilometer dan gewone internationale treinen. Voor het stroomgebruik per reiziger is bovendien de bezettingsgraad van de trein belangrijk. Hogesnelheidstreinen hebben een twee keer zo hoge bezettingsgraad als gewone internationale treinen. Dat compenseert het hogere energiegebruik per zitplaats.

Veerboot

De veerboot wordt vaak in combinatie met de auto gebruikt. De boten kunnen zeer veel passagiers tegelijk vervoeren. Veerboten gebruiken stookolie of dieselolie als brandstof. Bij verbranding geven deze in principe dezelfde soort emissies als dieselauto’s produceren.

  • Doordat motoren van schepen niet aan strenge richtlijnen hoeven te voldoen, stoten boten relatief veel vervuilende stoffen uit per eenheid energie of eenheid brandstof. Er zijn in de EU de laatste jaren wel normen ingevoerd voor scheepsbrandstoffen en scheepsmotoren. De normen voor zwavelgehalte van de brandstof en voor scheepsmotoren zijn echter veel minder streng dan voor autobrandstoffen en motoren. Op de Noordzee en in veel havens is het gebruik van minder zwavelrijke brandstoffen verplicht.

Algemene informatie voor een duurzame vakantie

Deze website is een initiatief van Milieu Centraal, ANVR, IUCN NL, NHTV, TUI Nederland en het Nederlands Alpenplatform.

home
home